Onderzoek

Voorafgaand aan een begeleidingstraject kunnen verschillende soorten onderzoek afgenomen worden, afhankelijk van de hulpvraag. Dit is niet altijd nodig, soms is elders al onderzoek gedaan of is voor uw hulpvraag onderzoek niet nodig. Het kan ook gebeuren dat tijdens een traject blijkt dat onderzoek nodig is om meer duidelijkheid te verschaffen.

Didactisch onderzoek

In een didactisch onderzoek wordt niet alleen het niveau van uw kind wat betreft een bepaald schoolvak bepaald, maar wordt ook in kaart gebracht waar eventuele hiaten zitten en waar een leerling tegenaan loopt tijdens het maken van de opgaven. Er zijn drie vaste onderzoeksmodules, in overleg kan ook een andere combinatie van vakken getest worden: technisch lezen en spelling
rekenen
begrijpend lezen, technisch lezen en woordenschat

Pedagogisch-didactisch onderzoek (PDO)

Een PDO is breder dan alleen een didactisch onderzoek. Het brengt naast de didactische vaardigheden ook andere factoren in kaart die van belang zijn voor het leren: kenmerken van het kind, van de onderwijsleersituatie en van de opvoedingssituatie. Op basis hiervan wordt in meer brede zin gekeken naar de onderwijsbelemmeringen en onderwijsmogelijkheden van het kind. Het advies wordt geformuleerd in pedagogische behoeften en onderwijsbehoeften. Hier sluit het handelingsplan voor de remedial teaching op aan.

Dyscalculie onderzoek

Als uw kind ernstige rekenproblemen heeft, is er misschien sprake van dyscalculie. Wij kunnen een dyscalculie onderzoek afnemen, dit neemt 2 dagdelen in beslag. Wij werken volgens het Protocol Ernstige Rekenwiskundeproblemen en Dyscalculie. In een dyscalculieonderzoek wordt de ernst van de achterstanden, maar ook de aard van de problemen onderzocht. Daarnaast wordt, net als bij een dyslexieonderzoek, gekeken naar de hardnekkigheid van de problemen en naar eventuele alternatieve verklaringen voor de rekenproblematiek. Om deze reden wordt o.a. een intelligentieonderzoek afgenomen.

Dyslexieonderzoek

Als uw kind problemen heeft met technisch lezen en spellen, is er misschien sprake van dyslexie. In een dyslexie onderzoek onderzoeken we drie zaken:
  • De kwaliteit van lezen en spellen
  • De hardnekkigheid van de lees- en/of spellingproblematiek
  • De oorzaak van de lees- en spellingproblematiek
Dyslexie wordt beschouwd als een probleem met de verwerking van klanken. Wij onderzoeken of er inderdaad sprake is van problemen met de klankverwerking of dat er ook andere factoren een rol spelen bij de lees- en spellingproblemen? Hiertoe wordt o.a. een intelligentietest afgenomen. Als uit het onderzoek komt dat er inderdaad sprake is van dyslexie, wordt een dyslexieverklaring afgegeven. Deze geeft recht op compenserende en dispenserende middelen waarmee de dyslecticus meer kans heeft zijn potentieel waar te maken.

Intelligentieonderzoek

Om de intelligentie te testen gebruiken wij de WISC-III. Dit is de meest gebruikte intelligentietest voor kinderen. De test wordt ingezet bij dyslexie- en dyscalculieonderzoek, maar kan ook afgenomen worden om te bepalen wat ongeveer van een kind verwacht mag worden qua schoolse prestaties. Een intelligentieonderzoek meet niet alleen het niveau van de intelligentie, maar ook hoe dit specifieke kind informatie verwerkt. De sterke en minder sterke kanten van uw kind worden in kaart gebracht. Zo kan uit een intelligentieonderzoek naar voren komen of uw kind een voorkeur heeft voor verbale of visuele informatieverwerking, in aanleg goed kan automatiseren of beschikt over een sterk werkgeheugen. Al deze eigenschappen hebben hun gevolgen voor de onderwijsbehoeften van uw kind. Een intelligentieonderzoek geeft dus veel aanknopingspunten voor de begeleiding.